16-02-2026
Subsidies SPULA en SWIM ook volgend jaar beschikbaar
Lees verder
Geplaatst op: 16-02-2026
Amsterdam verandert. Niet een béétje, maar fundamenteel. Nieuwe milieuzones, druk op beschikbare ruimte, een groeiend elektrisch wagenpark, ambitieuze beleidsmakers en grondprijzen die blijven stijgen: het komt allemaal samen in één stad die niet alleen zichzelf opnieuw uitvindt, maar tegelijk een blauwdruk vormt voor de rest van Nederland. Precies daarom organiseerde Drive een speciale bijeenkomst voor tankstationondernemers in de hoofdstad.
Jurist en ondernemersadviseur Chris van der Straaten was erbij in het Van der Valk-hotel op de Zuidas. Met zijn flinke dosis realiteitszin praatte hij iedereen bij en daarover spreken wij hem. ‘Het is een gekke tijd, maar wel een tijd waarin ondernemers hun beste jaren draaien en tegelijkertijd gedwongen worden vooruit te kijken.’
Volgens Chris kwam de bijeenkomst niet zomaar uit de lucht vallen. Er spelen tegelijkertijd meerdere ontwikkelingen die tankstationondernemers raken. Vanuit Drive zijn vier grote thema’s benoemd, waarvan binnenstedelijke herontwikkeling er één is. En juist dat thema gaat de komende jaren enorme impact hebben in Amsterdam. Hij somde ze bijna terloops op, maar de lading was duidelijk: milieuzones, woningbouw, de noodzaak van laadpunten, gemeentelijke grondpolitiek én strengere regels rond transparantie.
‘Dat samen vormt een cocktail waar elke tankstationondernemer in de stad mee te maken krijgt,’ aldus Chris. Die cocktail werd extra relevant doordat de gemeente Amsterdam momenteel onderzoekt hoe het netwerk van zestig tankstations er over 10, 15 of zelfs 20 jaar uit zou moeten zien. Dat onderzoek gebeurt niet achter gesloten deuren: Drive zit aan tafel en kijkt kritisch mee.
Daarom moest deze bijeenkomst in Amsterdam plaatsvinden. Niet alleen voor ondernemers die nú in de stadzitten, maar ook voor ondernemers elders in het land. Want, zegt Chris: ‘Wat je vandaag in Amsterdam ziet gebeuren, zie je morgen in elke andere stad.’
De sfeer tijdens de bijeenkomst was constructief, maar niet zonder spanning. Want ja: de komende jaren kunnen de beste financiële jaren ooit zijn. Tegelijkertijd naderen grote veranderingen, soms zelfs ingrijpende. Chris verwoordt het beeldend: ‘Het is alsof je heel goed betaald wordt door je baas en het naar je zin hebt, maar toch gedwongen wordt om naar een nieuwe baan te kijken. Dat voelt heel tegennatuurlijk.’ En precies dáár zit het spanningsveld. Ondernemers moeten in zijn ogen: hun huidige positie evalueren, hun rechten en contractvormen opnieuw onder de loep nemen, scenario’s schetsen voor verschillende toekomstbeelden en vooral: nú handelen, niet pas als de druk te hoog wordt.
De rechtenpositie bepaalt veel. Eigenaren staan sterk, grondhuurders met korte looptijden staan zwak. En daartussen zit een waaier aan varianten. ‘Heb je een kort huurcontract op een plek waar de gemeente woningen wil bouwen, dan ben je de klos,’ zegt Chris zonder omhaal. ‘Maar heb je langlopend recht op een locatie die de gemeente óók toekomstbestendig vindt, dan zit je juist heel goed.’
Ondernemers zien elektrische auto’s nu nog als iets van later, maar het aantal EV’s blijft toenemen. Langzamer dan voorspeld misschien, maar onmiskenbaar. Chris benadrukte dat Drive zich niet verzet tegen laadpalen…integendeel. ‘De business van onze ondernemers is het vullen van auto’s. Waar ze ook op rijden,’ zei hij drankjes, sigaretten, én energie. Dat kan benzine zijn of elektriciteit.’
Toch waarschuwde hij voor inefficiënte keuzes, zoals gefragmenteerde AC-laadpunten in woonwijken. Hij vindt dat tankstations belangrijker kunnen worden voor hoogwaardige snelladers. Een mooi praktijkvoorbeeld gaf hij toen hij vertelde over een tankstation dat door de gemeente als ‘laag potentieel voor EV’ werd beoordeeld, terwijl daar al twee snelladers stonden die het geweldig doen. ‘Dat was lachen,’ zegt Chris droog. ‘Hij wist niet eens dat ze er al stonden.’ Het tankstation stond in een wijk vol hoogbouw, perfect voor snelladen, omdat bewoners niet thuis kunnen laden. ‘Die mensen hebben dure auto’s, maar geen oprit. Die willen gewoon even 180 kilometer erbij voordat ze de volgende dag naar Den Bosch moeten.’
Belangrijk is de relatie tussen ondernemers en de gemeente. Het beeld is bekend: ondernemers mopperen dat de overheid alleen maar snellere verduurzaming wil, de overheid moppert dat ondernemers te traag investeren. Chris probeert die karikaturen te doorbreken. ‘Het klinkt zweverig, maar die stad is van ons allemaal. Ondernemers hebben belangen. Bewoners ook. Je moet kijken hoe je elkaar netjes kunt vinden.’ Te vaak horen ondernemers dat ze ‘over twee jaar weg moeten’, waarna dat in werkelijkheid tien jaar blijkt te duren.
Ondernemers investeren intussen niet meer uit angst voor vertrek, terwijl dat achteraf onnodig blijkt. ‘Dan zegt de gemeente: het is toch meegevallen? Maar als je dat eerder had geweten, had je de shop nog vernieuwd, de vloer nog vervangen, een paar laadpalen neergezet,’ aldus Chris. ‘Nu heb je zesjaar stilgestaan.’ Het wederzijds begrip groeit wel….langzaam maar zeker. De gesprekken zijn beter, er wordt meer geluisterd, en de bereidheid om samen te werken neemt toe. Maar het blijft complex, juist omdat ondernemers allemaal verschillende rechten, belangen en toekomstdromen hebben.
Het meest urgente advies dat Chris meegaf was simpel én confronterend: dit is niet de tijd om achterover te leunen. Ondernemers verdienen nu goed geld. Het gaat financieel uitstekend. Maar dat betekent juist dat dit hét moment is om plannen te maken. Chris vergelijkt het met de Titanic: ‘Je weet dat je richting ijsbergen gaat. Je kunt dan nog één keer naar het buffet lopen of de muziek harder zetten, maar je kunt ook kijken hoe je er omheen kunt sturen.’
Drive gaat de komende periode met de gemeente Amsterdam verder praten over de vervolgstappen. Volgens Chris komen er ongetwijfeld nieuwe gesprekken, nieuwe analyses en mogelijk opnieuw een bijeenkomst zoals deze. Daarnaast verwacht hij dat meer ondernemers zich persoonlijk melden: ‘Sommigen zullen ons vragen mee te denken over hun specifieke positie. Dat gebeurt altijd na zo’n bijeenkomst. En dat is ook precies wat nodig is. Want elk station heeft een eigen verhaal, een eigen risico, een eigen horizon en een eigen ondernemer die moet kiezen hoe hij of zij de toekomst wil vormgeven.’