Geplaatst op: 12-03-2026

‘Je moet als ondernemer altijd blijven bewegen’

Tom Aquina (68) is een ondernemer die zijn bedrijf stap voor stap heeft opgebouwd, in een branche die de afgelopen decennia sterk is veranderd. Waar het ooit begon met handmatig poetswerk, is Tom’s Carwash tegenwoordig een modern wascentrum met aanvullende activiteiten zoals een webshop en gespecialiseerde dienstverlening. In dit gesprek blikt Aquina terug op de ontstaansgeschiedenis, de groei en de uitdagingen van zijn onderneming, en geeft hij zijn visie op het ondernemerschap van vandaag.

Kunt u uitleggen hoe Tom’s Carshop ooit is ontstaan?

‘De oorsprong ligt bij mijn vader, die des tijds al een garagebedrijf had. Toen hij ziek werd, moest ik als jonge jongen, ik was toen achttien, noodgedwongen meewerken en verantwoordelijkheid nemen. In die periode is het idee ont staan om ons meer te richten op het reinigen en poetsen van auto’s. We hadden ervaring in de branche en zagen dat daar vraag naar was. Vanuit dat uit gangspunt hebben we het verder ontwikkeld, eerst kleinschalig, later professioneler.’

Wanneer besloot u om zelfstandig verder te gaan?

‘In 1982 heb ik de stap gezet om een eigen onderneming te starten. De basis lag er, maar ik wilde mijn eigen koersvaren. In 1995 hebben we het buiten wascentrum gerealiseerd, wat destijds een forse investering was. Financiering was niet eenvoudig te verkrijgen, maar we hebben dat met doorzettingsvermogen en creativiteit voor elkaar gekregen.

Als kleine ondernemer moet je soms terugschakelen om daarna weer vooruit te kunnen. Die mentaliteit heeft ons vaak geholpen.’

Had u vanaf het begin een duidelijk groeiplan voor ogen?

‘We hebben altijd bewust gekozen voor een middelgrote opzet. Ik heb nooit de ambitie gehad om een keten van tientallen vestigingen te runnen. De doelstelling was om een stabiel, overzichtelijk bedrijf te hebben waar kwaliteit en persoonlijke service vooropstaan. Die benadering zorgt ervoor dat je grip houdt op je processen, en dat je direct contact met je klanten behoudt. Dat is in onze sector
essentieel.’

Uw vrouw heeft altijd meegedraaid in het bedrijf. Hoe zag die samenwerking eruit?

‘We zijn al 47 jaar getrouwd en hebben ruim 45 jaar samengewerkt. Zij heeft altijd de poetsafdeling geleid, terwijl ik me bezighield met de algemene bedrijfsvoering. In het begin liepen de werkzaamheden nog wat door elkaar, maar na verloop van tijd had ieder zijn eigen
verantwoordelijkheid. Dat werkte efficiënt. Haar oog voor detail en mijn praktische instelling vulden elkaar goed aan. Die taakverdeling heeft het bedrijf medegevormd.’

Wat is volgens u de belangrijkste factor geweest voor het langdurige succes van Tom’s Carshop?

‘Constante kwaliteit en continuïteit. We hebben altijd geprobeerd een goede prijs-kwaliteitverhouding te bieden, met oog voor de klant. Daarbij komt dat we in al die jaren nauwelijks hebben stilgestaan. Ook als het economisch tegenzat, bleven we open, bleven we leveren. Soms betekende dat doorwerken tot diep in de nacht om afspraken na tekomen. Maar dat hoort bij ondernemerschap. Je kunt niet half instappen.’

 

Heeft u tegenslagen meegemaakt die bepalend waren voor de richting van het bedrijf?

‘Zeker. De markt is in de loop der jaren meerdere keren veranderd. Er waren periodes waarin grote klanten wegvielen, of waarin de marges onder druk kwamen te staan. In zulke momenten moet je nieuwe bronnen van inkomsten aanboren. Zo zijn we ooit gestart met de wasstraat. Dat zorgde voor een stabielere omzet, omdat mensen hun auto’s regelmatig laten wassen. Daarmee bouw je continuïteit op.’

Wat deed u toen grote ketens zich in de buurt vestigden?

‘Ongeveer zes jaar geleden vestigden zich twee omvangrijke wasstraten in de regio. Die hadden veel modernere installaties en konden in twintig minuten een auto volledig reinigen. Dat had uiteraard effect op onze klantenstroom. In het begin voelde dat frustrerend, zeker omdat de lokale overheid weinig restricties oplegde aan die uitbreidingen. Maar klagen helpt niet. We hebben gekeken hoe we ons konden onderscheiden. Uiteindelijk zijn we ons meer gaan richten op het reinigen van bedrijfswagens en bussen. Daar was minder concurrentie
en meer behoefte aan maatwerk. Dat bleek een goede keuze.’

U heeft daarnaast ook andere activiteiten ontwikkeld, zoals een webshop. Hoe is dat ontstaan?

‘De webshop is voortgekomen uit de vragen van onze klanten. Mensen zagen bepaalde poets- of reinigingsproducten bij ons en wilden die ook zelf aan schaffen. We zijn dat aanbod gaan uit breiden en online gaan verkopen. Die combinatie – fysiek wassen en digitaal verkopen – werkt goed. Klanten die iets online zien, komen het vaak zelf ophalen, en dat zorgt weer voor extra contact momenten. Het is een manier om de binding met de klant te behouden in een tijd waarin alles digitaliseert.’

 

Hoe zorgt u ervoor dat uw medewerkers dezelfde standaard hanteren als u?

‘Dat begint met training en aandacht. Ik benadruk altijd dat elke klant even belangrijk is, ongeacht de waarde van de auto. Of iemand nu met een dure sportwagen of met een oudere auto komt, iedereen verdient dezelfde service. Dat is de kern van onze bedrijfsfilosofie. We werken momenteel met ongeveer zestien medewerkers, voornamelijk jongeren die in het weekend bijspringen. Het is belangrijk dat zij leren wat klantgerichtheid betekent. Een glimlach, een goed gesprek en zorgvuldigheid in het werk zijn minstens zo belangrijk als de techniek.’

Heeft u veel vaste klanten?

‘Ja, een groot deel van ons klantenbestand komt al jaren bij ons. Sommige mensen ken ik sinds hun eerste auto. Dat soort langdurige relaties geeft stabiliteit. Je ziet generaties terugkomen, en dat is in zekere zin een bevestiging dat je iets goed doet. Natuurlijk is er verloop, maar onze basis blijft stevig. Het persoonlijke contact speelt daarbij een grote rol.’

Uw dochter Marjolein is inmiddels actief binnen het bedrijf. Was dat altijd de bedoeling?

‘Nee, ik heb mijn kinderen nooit onder druk gezet om het bedrijf over te nemen. Mijn zoon is zijn eigen onderneming gestart, maar mijn dochter heeft na enkele jaren in loondienst besloten om toch terug te keren. Dat deed ze vanuit overtuiging, niet omdat het moest. Ze heeft een frisse blik en houdt zich nu onder meer bezig met marketing en online zichtbaarheid. Dat is een belang rijke stap voor de toekomst.

 

Denkt u zelf al aan stoppen?

‘Formeel zou het kunnen, maar in de praktijk vind ik het moeilijk om afstand te nemen. Ik werk iets minder – zondags ben ik tegenwoordig vrij – maar verder ben ik nog volop betrokken. Ik kijk per jaar hoe het gaat. Zolang ik fit blijf en plezier houd, zie ik geen reden om direct te stoppen. Een bedrijf als dit is een groot deel van je leven; dat laat je niet zomaar los.’

Hoe beoordeelt u de ontwikkelingen in de wasbranche?

‘De sector is sterk in beweging. Grotere spelers met veel kapitaal nemen een steeds groter marktaandeel in. Voor zelfstandige ondernemers wordt het moeilijker om te concurreren op schaal en prijs. Tegelijkertijd blijft er ruimte voor bedrijven die zich onderscheiden door kwaliteit, betrouwbaarheid en persoonlijk contact. Dat is een ander soort waarde, maar wel een waarde die klanten herkennen. De uitdaging is om te blijven investeren in modernisering zonder de menselijke maat te verliezen.’

Ziet u nog groeikansen voor kleinere ondernemers in deze markt?

‘Het wordt uitdagend, maar niet onmogelijk. De sleutel ligt in specialisatie en klantgerichtheid. Wie flexibel is en inspeelt op veranderingen, kan overleven. Grote ketens hebben hun eigen dynamiek, maar ze missen vaak de persoonlijke benadering en daar ligt voor zelfstandigen een kans. Bovendien vraagt de markt steeds meer aandacht voor duurzaamheid en efficiënt watergebruik, en daar kun je als kleiner bedrijf snel op inspelen.’

Wat is volgens u het belangrijkste principe om een bedrijf zo lang succesvol te houden?

‘Discipline. Je moet altijd blijven bewegen. Stilstaan is achteruitgaan. Daarnaast is nuchterheid belangrijk: niet te snel tevreden zijn, maar ook niet overhaast groeien. In al die jaren heb ik geleerd dat rust in de bedrijfsvoering essentieel is. Geen paniek bij tegenslag, gewoon analyseren en bijsturen. En misschien het belangrijkste: zelf aanwezig blijven. Een ondernemer die zichtbaar is op de werkvloer, weet wat er speelt en kan direct handelen.’

Hoe kijkt u terug op de afgelopen decennia?

‘Met voldoening. We hebben alles op eigen kracht gedaan. Geen overnames, geen externe investeerders, gewoon hard werken en slim inspelen op kansen. De markt is veranderd, de technologie ook, maar de basisprincipes zijn het zelfde gebleven: kwaliteit leveren, afspraken nakomen en zorgvuldig omgaan met klanten en personeel. Dat heeft ons gebracht waar we nu staan. ‘Ondernemen is geen sprint, maar een
lange route met obstakels. Zolang je in beweging blijft, komt het goed.