08-06-2026
BGW Advies helpt legionella onder controle houden
Lees verder
Geplaatst op: 08-06-2026
De teller staat op een bijzondere mijlpaal: de aangesloten tankstations van Peut De Vrije Pomp hebben samen één miljoen euro geschonken aan lokale goede doelen. Wat ooit begon als een eenvoudig idee – één cent per liter brandstof doneren – is uitgegroeid tot een krachtig systeem waarin lokale ondernemers, klanten en verenigingen elkaar versterken.
Achter dat succes zit meer dan alleen een technisch systeem. Het draait om samenwerking op lokaal niveau, om zichtbaarheid en om betrokkenheid. Juist daar maken de tankstationondernemers het verschil. De Vrije Pomp-adviseur Chris van der Straaten benadrukt dat het systeem alleen werkt als je het actief inzet. ‘Het is geen knop die je aanzet en dan loopt het vanzelf,’ legt hij uit. ‘Je moet het blijven vertellen. Medewerkers moeten het onder de aandacht brengen en verenigingen moeten het ook zelf uitdragen. Dan krijg je echt beweging.’
Die beweging ontstaat doordat tankstations en verenigingen elkaar opzoeken. Clubs worden niet alleen toegevoegd aan het systeem, maar ook actief betrokken. Ze krijgen materiaal om het initiatief te promoten, zoals berichten op social media of een plek op hun website. Chris: ‘Je ziet dat verenigingen het echt gaan delen. Dan wordt het hun eigen verhaal en dat werkt veel sterker dan wanneer wij het alleen vertellen.’ Die samenwerking zorgt voor een duidelijke wisselwerking. Verenigingen stimuleren hun leden om bij het betreffende tankstation te tanken, terwijl het tankstation zichtbaar maakt hoeveel er wordt opgehaald. Dat kan via tussenstanden, uitreikmomenten of acties. Zo groeit de betrokkenheid aan beide kanten. Chris ziet daarin ook een belangrijk verschil met traditionele sponsoring: ‘Vroeger gaf je als ondernemer een bedrag en nu leeft het ‘t hele jaar door.’
Luc van Riel, eigenaar van Peut Plasmans in Diessen, ziet dat effect dagelijks in de praktijk. De vele lokale goede doelen en verenigingen vertegenwoordigen een heel groot aantal van de klanten. Logisch gevolgd is dat de grootste bedragen worden gerealiseerd door de lokale grootste clubs, maar door het geregeld te ‘husselen’ komen ook de anderen in beeld en worden klanten verrast. ‘Je merkt dat rond een evenement, bijvoorbeeld Carnaval dat er dan aan die verenigingen weer mee gedoneerd wordt.’ Volgens Luc zit de kracht in herkenning en nabijheid. ‘Mensen geven liever aan iets waar ze zelf bij horen. Als je kind op die club zit of je staat zelf langs de lijn, dan voelt het logisch om daarvoor te kiezen. En dan ga je daar ook bewust voor tanken.’
Hij merkt dat het systeem zichzelf versterkt zodra het eenmaal loopt. ‘Op een gegeven moment gaan mensen er zelf naar vragen: kan mijn vereniging er ook op? Dan weet je dat het leeft. Maar je moet wel scherp blijven.’ Want volgens Luc vraagt de samenwerking ook onderhoud. ‘Na een tijdje wordt het vanzelfsprekend,’ legt hij uit. ‘Dan moet je het weer even aanjagen. Bijvoorbeeld door een actie, een ‘vereniging van de maand’ of door de volgorde op het scherm te wisselen.
Bij Peut in Noordwijk laat Annemarie van Wijk zien hoe zo’n samenwerking er concreet uit kan zien. De band met de lokale voetbalvereniging SJC is daar een goed voorbeeld van. ‘We werken echt samen,’ vertelt ze. ‘Op de website van de club staat een banner van ons en langs het veld zie je ook dat mensen worden gewezen op het tanken bij Peut.’ Die zichtbaarheid is volgens haar essentieel. ‘Mensen worden er continu aan herinnerd,’ zegt Annemarie. ‘Ze zien het op de club, ze horen het van andere ouders langs de lijn en dan maken ze die keuze aan de pomp. Dat is precies wat je wilt bereiken.’ Ook bij de opening van haar station koos ze bewust voor een aanpak waarbij verenigingen centraal stonden. ‘We hebben niet één lint laten doorknippen door een burgemeester,’ vertelt ze. ‘We hebben alle verenigingen uitgenodigd en samen het lint laten knippen. Dat zijn je ambassadeurs. Die gaan dat vervolgens overal vertellen, op social media en binnen hun eigen netwerk.’
Daarnaast onderhoudt ze de relatie door regelmatig contactmomenten te organiseren. ‘We nodigen verenigingen uit voor de uitreiking van de donaties,’ zegt ze. ‘Dan maken we foto’s, geven we aandacht aan wat er is opgehaald en zorg je dat het zichtbaar blijft. Dat is belangrijk, want anders verdwijnt het naar de achtergrond.’ Tegelijkertijd benadrukt ze dat het ondernemen blijft. ‘Je hebt heel veel ideeën om het groter te maken,’ zegt ze. ‘Je kunt acties bedenken, campagnes doen, noem maar op. Maar in de praktijk heb je ook gewoon een bedrijf te runnen. Dus je moet keuzes maken: wat is haalbaar en wat niet?’
Wat overal terugkomt, is dat Tank & Schenk niet alleen draait om geld, maar vooral om verbinding. Klanten voelen zich betrokken, verenigingen krijgen structurele steun en ondernemers worden zichtbaar onderdeel van hun omgeving. Het tankstation verandert daarmee van een functionele plek naar een sociaal knooppunt in het dorp. Annemarie vat het misschien wel het beste samen: ‘Je bent niet alleen een plek waar mensen tanken, maar onderdeel van het dorp.’ Met bijna één miljoen euro aan schenkingen is duidelijk dat die aanpak werkt. Niet door grote campagnes of ingewikkelde systemen, maar door iets kleins dat consequent wordt toegepast: een cent per liter, gekoppeld aan een lokaal verhaal en gedragen door mensen die er zelf middenin staan.
Tank & Schenk is voor alle zelfstandig tankstationondernemers beschikbaar. Het is een belangrijk onderdeel van de enige brandstofinkoopclub in onze branche genaamd De Vrije Pomp. Leden van de Vrije Pomp kopen samen brandstof & smeermiddelen in zonder verdere verplichtingen. Daarnaast werken ze samen met een nationale brandstofkaart, brandstofacties en dus tank en schenk. De ondernemers hebben samen het belang gezien van betrokkenheid bij de lokale omgeving en daarom het tank en schenk systeem omarmt. Klanten krijgen door te schenken voor het eigen clubje naast een volle tank een goed gevoel.