Geplaatst op: 06-07-2026

Je moet zorgen dat je kunt meebewegen

De energiecrisis legt iets bloot wat al langer onder de oppervlakte speelt. Het klassieke tankstationmodel, jarenlang stabiel en voorspelbaar, komt onder druk te staan. Prijzen bewegen grillig, beleid is onzeker en elektrisch rijden schuift steeds nadrukkelijker naar voren. In dat krachtenveld sprak ik met Chris van der Straaten, die dagelijks ondernemers adviseert op het snijvlak van vastgoed en mobiliteit.

 

Zijn analyse is nuchter en scherp tegelijk. Dit is geen fase waarin je eenvoudig vooruit kunt rekenen of met zekerheid kunt investeren. Je weet niet zo goed welke kant het op gaat, zegt hij. Dat maakt het lastig rekenen en keuzes maken.’ Tegelijkertijd ziet hij dat veel ondernemers in een soort afwachtende modus terechtkomen. Een beetje zoals in het begin van corona: even stilzitten en kijken wat er gebeurt.’ Begrijpelijk, maar volgens hem ook risicovol. Want juist in deze periode wordt de basis gelegd voor de komende jaren. 

 

Aanleiding: wat moeten ondernemers nú doen?

De vraag die boven de markt hangt, is niet of er iets verandert, maar hoe snel en hoe ingrijpend. En precies daar zit het probleem: die richting is nog diffuus. Ondernemers moeten dus besluiten nemen zonder volledig zicht op de uitkomst. Volgens Chris ligt de sleutel niet in het vinden van het perfecte antwoord, maar in het creëren van bewegingsruimte. Hij pleit voor keuzes die niet alles vastzetten, maar juist flexibiliteit inbouwen. ‘Je moet eigenlijk zorgen dat je kunt meebewegen,’ zegt hij. Dat betekent dat je als ondernemer anders naar je locatie en investeringen moet kijken. Niet alleen vanuit rendement op korte termijn, maar vooral vanuit aanpasbaarheid. Kun je schakelen als de vraag sneller verandert dan verwacht? Kun je bijsturen zonder dat je vastzit in oude aannames? 

 

Het vraagt om een manier van denken waarin je continu blijft herijken. Regelmatig opnieuw rekenen, plannen actualiseren en accepteren dat strategie geen statisch document is, maar een doorlopend proces. Vanuit die gedachte onderscheidt Chris drie scenario’s die ondernemers houvast kunnen bieden. 

 

Scenario 1: het hybride model

Het eerste scenario is het meest geleidelijk en misschien daardoor ook het meest realistisch voor veel ondernemers. In plaats van een harde keuze tussen fossiel en elektrisch, kies je voor een combinatie van beide. Je richt je locatie zo in dat traditionele brandstoffen en laadfaciliteiten naast elkaar bestaan, met de shop als verbindend element. Daarmee ontstaat een model dat kan meebewegen met de vraag in de markt. 

 

Chris benadrukt dat het hierbij niet gaat om een tijdelijke oplossing, maar om een bewuste strategie. ‘Je moet een model maken waarin je niet alles vastzet, maar ruimte houdt om te schakelen.’ De kracht van dit scenario zit in flexibiliteit. Je beschermt je bestaande omzet, terwijl je tegelijkertijd voorbereid bent op groei van elektrisch rijden. Het is geen sprong in het diepe, maar een gecontroleerde transitie waarin je stap voor stap opschuift. Voor veel ondernemers voelt dit als de meest comfortabele route, omdat het risico gespreid wordt en investeringen beter te faseren zijn.

 

Scenario 2: de bestemming

Het tweede scenario vraagt om een fundamentelere herijking. Hier verandert niet alleen de energiebron, maar het hele concept van de locatie. Chris ziet deze ontwikkeling met name in Duitsland, waar ondernemers hun blik verbreden en hun locaties transformeren tot plekken waar mensen bewust naartoe gaan. ‘Je ziet dat ondernemers breder gaan kijken. Niet alleen het tankstation, maar de hele locatie daaromheen.’ In dit model draait het niet meer alleen om tanken of laden, maar om verblijven. De tijd die ontstaat doordat laden langer duurt, wordt benut. Horeca, retail, soms zelfs hotels maken onderdeel uit van het concept. Hier verschuift het verdienmodel van volume naar beleving. Je verdient niet alleen aan energie, maar aan de totale tijd die iemand op jouw locatie doorbrengt. 

 

Dat maakt het complexer. Het vraagt om andere kennis, andere partners en grotere investeringen. Maar het biedt ook nieuwe kansen, omdat je waarde creëert op meerdere niveaus tegelijk. De ondernemer verandert in dit scenario van exploitant naar ontwikkelaar. Iemand die niet alleen een voorziening runt, maar een bestemming bouwt. 

 

Scenario 3: controle houden 

Het derde scenario is minder zichtbaar, maar misschien wel het meest bepalend voor de lange termijn. Het gaat over eigendom en regie. In een onzekere markt kan het aantrekkelijk lijken om delen van je exploitatie uit handen te geven of je grond te verpachten. Het biedt rust en voorspelbaarheid. Maar volgens Chris is dat vaak een valkuil. ‘Het lijkt interessant om te verpachten, maar je kunt beter de baas blijven op je eigen terrein. De reden is eenvoudig. De echte waarde van een locatie zit niet alleen in wat het vandaag oplevert, maar in wat je er morgen mee kunt doen. Wie zijn grond in eigen bezit houdt, behoudt de vrijheid om te transformeren, samenwerkingen aan te gaan en nieuwe concepten te ontwikkelen. Dit scenario draait dus om strategisch eigenaarschap. Niet kiezen voor snelle zekerheid, maar voor langdurige controle. Juist in een markt die zo in beweging is, wordt dat een cruciale factor. 

 

Conclusie: ondernemen zonder zekerheid 

Wat het gesprek met Chris van der Straaten duidelijk maakt, is dat zekerheid voorlopig niet terugkomt. Ondernemers moeten leren opereren in een werkelijkheid waarin niet alles vooraf vaststaat. ‘Alles bij elkaar maakt het gewoon ingewikkeld om nu goede keuzes te maken, zegt hij.  En toch ligt daar precies de opgave. Niet wachten tot alles helder is, maar keuzes maken die ruimte laten voor het onbekende. De ondernemers die de komende jaren het verschil maken, zijn niet per se degenen die het beste kunnen voorspellen wat er gebeurt. Het zijn degenen die hun bedrijf zo hebben ingericht dat ze kunnen meebewegen zodra het gebeurt. Of, zoals Chris het kernachtig samenvat: je hoeft de toekomst niet te kennen, zolang je maar in staat bent om erop te reageren.